|
De gestade aangroei van de Merksemse bevolking,
vooral door inwijking als gevolg van de industrialisatie langsheen de
kanaalzone, noodzaakte reeds in 1833 een vergroting van de
Sint-Bartholomeuskerk. Aangezien deze aangroei bleef aanhouden werd het
tegen het einde van de 19de eeuw duidelijk dat een ingrijpender
oplossing nodig was : een volledige herbouw van de kerk, of het
oprichten van een nieuwe parochie. Onder impuls van de toenmalige
burgemeester Frans de l' Arbre en onderpastoor Gabriel Wegge, werd
uiteindelijk op 22 maart 1891 dan de Sint-Franciscusparochie opgericht
als tweede parochie van Merksem. Gabriël Wegge werd de eerste pastoor.
Nog in hetzelfde jaar werd op de hoek van de toenmalige Gasthuisstraat
en de Blindestraat (Van Aertselaerstraat en J. de Boeckstraat), op de
gronden van het Sint-Bartholomeusziekenhuis een noodkerk gebouwd, de
zgn. "Blekken Kapel". Deze noodkerk werd op 27 juni 1891 in gebruik
genomen.
De zoektocht naar een locatie voor de definitieve kerk kon beginnen, en
uit de diverse mogelijkheden werd geopteerd voor de aankoop van een
perceel aan de Bredabaan dat deel uitmaakte van een groter geheel, dat
door de familie Van Praet reeds eerder aan de gemeente verkocht was.
In 1893 werden de gebroeders Blomme aangezocht om een kerk te ontwerpen,
berekend op de 3000 inwoners die de parochie toen telde, en die tevens
ruim genoeg was om toekomstige verdere aangroei te kunnen opvangen. De
aanbesteding van de nieuwe kerk gebeurde op 24 mei 1894 en de werken
werden toegewezen aan aannemer Simoens uit Schaarbeek. Ondanks een
aantal moeilijkheden tijdens de bouw, kon de kerk dan toch op 11
november 1896 in gebruik worden genomen. De aankleding van het gebouw
zou echter nog zo lang aanslepen dat ze pas gewijd zou worden op 5
oktober 1903. Dit gebeurde onder het herderschap van de derde pastoor,
Johannes Van Heybeeck, die zich tot zijn dood in 1917, bleef inzetten
voor de verdere verfraaiing van het gebouw (o.a. de glasramen).
In 1917 werd hij in Sint-Franciscus opgevolgd door Z.E.H. Alfons Van den
Begin.
Nadat de parochie en kerk de Eerste Wereldoorlog tamelijk goed was
doorgekomen, bleef de bevolking toenemen, hetgeen leidde tot verder
splitsing van het grondgebied, en de oprichting van nog twee parochies
in Merksem: O.L.V. van Smarten en Sint-Jozef.
De Tweede Wereldoorlog zorgde voor ernstige schade aan het patrimonium
en aan de kerk, door beschietingen en V-bommen, met o.a. het verlies van
de klokken. Dit noodzaakte dringende herstellingswerken aan de kerk, een
eerste restauratie van de glasramen, en het aankopen van nieuwe klokken.
Dit gebeurde onder het pastoorschap van Z.E.H. Jozef Taeymans.
Zijn opvolger, August Aerts, vatte de binnenrestauratie van de kerk aan
in de jaren zestig, en de aanpassing van de kerk aan de nieuwe liturgie
na het Tweede Vaticaanse Concilie. Onder het pastoorschap van Renaat
Jespers werd dan in 1991 luisterrijk het eeuwfeest van de parochie
gevierd, en werd in 1996 het kerkgebouw ook een eeuweling. En daarmee
werd een nieuw luik geopend op weg naar het einde van de 20ste en begin
van de 21ste eeuw.
|